Hr.Ms. Van Galen

door Chris Mark - Bron: VOKS

Tijdens het Korea-Conflict 1950 - 1954 zijn er 6 Marineschepen operationeel geweest in de Koreaanse wateren. Te weten Hr.Ms.Evertsen, Hr.Ms.Piet Hein, Hr.Ms.van Galen, Hr.Ms.Johan Maurits, Hr.Ms. Dubois en Hr.Ms. van Zijll.  Over de aansluitende wereldreis van Hr.Ms. van Galen gaat dit verhaal.   

 Kort nadat de Piet Hein op 28 februari 1952 in Hong Kong was binnengelopen, werd de Van Galen uit het droogdok van de Royal Naval Dockyard gesleept en naar de boei gebracht waar munitie en de torpedo- koppen weer aan boord kwamen, om vervolgens langs de Piet Hein af te meren. Met de aflosser werden de ervaringen en de biertjes uitgewisseld en dat laatste was tevens de reden dat de voetballers maar met slechts 2-1 konden winnen. Op zondag 2 maart werd na de dokbeurt even een korte proefvaart gemaakt en het schip in gereedheid gebracht voor de thuisreis.

 


De Piet Hein lost de van Galen af in Hongkong

Nadat de volgende dag van de autoriteiten en de gastvrije Hong Kong Nederlanders hartelijk afscheid was genomen, stoomden de beide torpedobootjagers naar open zee om manoeuvreeroefeningen te houden en het laadtuig te beproeven. Daarna begonnen de sirenes te loeien en stond de gehele bemanning aan dek om elkaar het beste en goede reis toe te juichen. Hierop draaide de Van Galen af en zette koers naar Singapore om onderweg het tropentenue weer aan te trekken. Na nog een korte ontmoeting met een divisie Amerikaanse torpedobootjagers te hebben gehad, werd op vrijdag 7 maart langs de oliesteiger van Pulu Bukum afgemeerd waar een uitnodiging klaar lag om de Heineken Brouwerij te komen bezichtigen, hetgeen niet met droge kelen geschiedde. Meteen nadat de bunkers weer waren gevuld was het meerrol op post geblazen en werd twee dagen later Sabang gepasseerd en de koers naar de zuidpunt van het eiland Ceylon (tegenwoor- dig Sri Lanka) bepaald.

Onderweg werden de singletjes uitgetrokken om het kleurenschema op peil te brengen en werden diverse Japanse of Hong Kong tatoeages zichtbaar. In de nacht van zondag op maandag volgde een ontmoeting met Hr.Ms. Van Kinsbergen die op weg was naar Nieuw Guinea. Op de voormiddag van dinsdag 11 maart werd in de haven van Colombo op de boei afgemeerd en konden de voetballers die middag tegen de op blote voeten spelende Royal Ceylon Navy een 3-2 nederlaag incasseren.

De volgende dag liep het passagiersschip Oranje (20.017 brt.) van de Stoomvaari Maatschap- pij Nederland de haven binnen die de post meebracht en waarmee een gezellige middag werd  doorgebracht. In deze haven werd de Eerste Officier Ltz.1 R.M. Elbers, die een functie bij de NAVO kreeg toebedeeld, afgelost door Ltz.1 H.D.B. Beudeker, waarna op donderdag 13 maart Colombo weer werd verlaten om de zes dagen durende oversteek naar Aden te maken.

Halverwege die oversteek werd op zondag de 16e de splinternieuwe Hr.Ms. Snellius ontmoet die haar opnemingswerkzaamheden in Nieuw Guinea ging verrichten. Kort bij elkaar werd gestopt en de sloepen leverden enkele oplopers over en weer af te midden van de Indische Oceaan. Drie dagen later werd Aden bereikt om de bunkers weer op te toppen dat op de Eerste Platvoet weer werd verlaten. Via de Rode Zee werd in de vroege morgen van zondag 23 maart Suez bereikt om olie bij te vullen om reeds twee uur later in konvooi de tocht door het kanaal te beginnen. In het aarde donker werd Port Said bereikt waar het vliegtuig met de post verhinderd was om te landen en men dus tot Malta moest wachten. De Middellandse Zee was anders dan men had verwacht omdat het koud en regenachtig was, dus trok men snel weer het Europese tenue aan.

Na een rustige reis werd op donderdagochtend 27 maart Malta bereikt en nabij Sliema op de boeien afgemeerd. Per autobus werden een aantal rondritten gemaakt langs de belangrijkste bezienswaardig- heden en herinnerden de sporen op het eiland nog duidelijk aan de beproevingen uit de afgelopen wereldoorlog. Tevens werden hier twee zieke bemanningsleden in het hospitaal achtergelaten. Doch op de voor- middag van 31 maart werd de haven weer verlaten om eerst aan de zuidzijde van het eiland in Marsaxlokk olie te laden voor het traject naar de Canarische Eilanden. Spoedig moest echter de vaart drastisch worden verminderd omdat het weer in het westelijke gedeelte van de Middellandse Zee vrij ruw was en regelmatig stort- zeeŽn over het zwaar stampende schip heen sloegen. Pas op de achtermiddag van 3 april passeerde het schip de Straat van Gibraltar en ging het bakboord uit om de zuid om voor het zeetje uit te lopen.

Menigeen had liever stuurboord uit om de noord gegaan. Op zaterdagochtend 5 april werd op de rede van Las Palmas de loods aan boord genomen die het schip langs de 2.500 meter lange pier Dique del Gene- ralisimo Franco afmeerde. Meteen werd overgegaan om de voor- raden weer op peil te brengen en de benen te strekken en waren er diverse uit- stapjes en ontvangsten. Gesterkt en opgefrist werd op de Tweede Platvoet van maandag 7 april naar zee vertrokken om drie dagen later het anker in Porto Grande te laten vallen, de Portugese bun- kerhaven van St. Vincent. Het bleek een armetierig en troosteloze aan- blik te geven en iedereen was opgelucht toen na het olieladen tegen de avond het anker weer werd binnen- gedraaid en een half uur later van de frisse zeewind kon worden genoten die met kracht 4 de kopjes op de golven zette. De oversteek naar BraziliŽ was begonnen en voor de tweede keer sinds het vertrek uit Nederland werden de Paasdagen op zee doorgebracht. Op zondag 13 april werd 's middags de whaleboot gestreken om roeiwed- strijden te houden in de vorm van een rondje om het schip welke door de ploeg van bak 2 werd gewonnen.

Op dinsdag 15 april werd op de voormiddag Recife binnengelopen waar met veel vertraging olie werd geladen dat pas rond 21.00uur kon worden verlaten. Alvorens Rio de Janeiro binnen te lopen kreeg het schip een schoonmaakbeurt als nimmer te voren om toch maar een bijdrage te kunnen leveren aan een fraai stukje vlagvertoon.

Op vrijdag 18 april om 08.01 uur, terwijl de bemanning volgens paradeerrol stond aangetre- den, klonken de 21 saluutschoten over het water en een half uur later lag Hr.Ms. Van Galen langs de kade afgemeerd. OfficiŽle bezoeken werden over en weer afgelegd en vele Nederlanders uit Rio kwamen aan boord om kennis te maken en het schip te verwelkomen. Ter gelegenheid van dit bezoek werd er een fraai programmaboekje uitgegeven waarin de vele recepties, diners, dťjeuners, dansavonden, excursies en andere feestelijkheden stonden vermeld die werden aangeboden door de Braziliaanse marineautoriteiten en de Nederlandse Kolonie.

Onvergetelijk was de feestavond in de Botafogo Football Club waar voortreffelijke muziek, de tombola, de met dranken en broodjes beladen tafels, maar vooral de hartelijkheid en gulheid van de gastvrouwen en gastheren de boventoon voerden. Pas laat in de nacht keerde men aan boord terug. Welhaast niemand van de bemanning zal zeggen dat hij het 30 meter hoge Christusbeeld niet heeft gezien of iets van de carnavals sfeer van deze stad heeft geproefd, kortom de indrukken waren overweldigend, zodat het door iedereen werd betreurd toen onver- mijdelijk op woensdag 23 april om tien uur de loopplanken werden binnengehaald.
Op de kade zag het zwart van de uitzwaaiers en kort hierop koerste Hr.Ms. Van Galen onder slechte weers omstandigheden met een zee met hoge deining dicht onder de kust in de richting van Buenos Aires.

Op de hondenwacht van zaterdag 26 april werd met de loods aan boord de Rio de la Plata ingevaren en na opnieuw saluutschoten te hebben afgegeven werd om 1 0.00 uur te Puerto Nueva in de haven Darsena afgemeerd. Ook nu weer de gebruikelijke officiŽle bezoeken aan boord, de pers die druk notities en plaatjes maakte en de kennismaking met de Nederlandse Vereniging in Bueanos Aires die voor een omvangrijk ontspanningsprogramma had gezorgd.

In grote lijnen was het bezoek aan ArgentiniŽ hetzelfde als aan BraziliŽ, met dit verschil dat degenen die in Rio door wacht of werkzaamheden het feest hadden gemist nu wel hun hart konden ophalen. In het Stadio de la Plata werd een voetbalwedstrijd bijgewoond en toen door de luidspreker werd aangekondigd dat hier Koreastrijders aanwezig waren, verhieven duizenden zich van hun zitplaatsen om oorverdovend te applaudisseren, hetgeen ook bij andere gelegenheden gebeurde.

Op maandagmorgen werden door de commandant en hoge Argentijnse autoriteiten kransen gelegd in het Mausoleum van General San Martin en gelijktijdig bezichtigden 80 opvarenden met autobussen de stad. Rond het middaguur werd gestopt en op een open plek tussen de bomen werden schapen geroosterd om even later met bruin brood en wijn aan rondom opgestelde tafels te worden genuttigd. De volgende dag was het schip voor een talrijk publiek opengesteld.

Aan al het goede komt een einde, zo ook aan dit bezoek aan Buenos Aires dat op de voor- middag van 1 mei werd verlaten om koers te zetten naar Montevideo, waar de volgende dag, vrijdag 2 mei om 09.00uur, in de haven het anker in de grond viel, nadat eerst de gebruikelijke saluutschoten over het water hadden geklonken. Tijdens het olieladen kon een gedeelte van de bemanning een rondrit door de stad maken, die er aantrekkelijk uitzag. Maar daar bleef het bij want het bezoek aan de republiek Uruquay was van korte duur en op de achtermiddag werd weer naar zee vertrokken. Kort na het uitvaren werd het wrak van de Admiral Graf Spee gepasseerd dat daar als een monument in zee lag.

Na een voorspoedige reis kwam de Van Galen op woensdagmorgen 7 mei voor de tweede maal in Recife aan. De weinige Nederlanders die hier woonden deden al het mogelijke om het 24-uur durende verblijf zo aangenaam mogelijk te maken, dat onder meer bestond door met bussen een rondrit door de omgeving te maken met een bezoek aan het in de nabijheid van Recife gelegen stadje Olinda.
De volgende morgen om 10.00uur gingen de trossen weer los en vier dagen later naderde het schip de troebele wateren van de Surinamerivier, waar om 08.00uur het saluut werd afgegeven en het schip bij de gasfabriek werd afgemeerd. Met de in Paramaribo gestationeerde mensen van de Koninklijke Landmacht, Detachement Mariniers en Politie die ter verwelkoming aanwezig waren, werd in een prettige sfeer kennis gemaakt die er ook voor zorgden dat er gezwommen, gevoetbald en gedanst kon worden en men iets van de stad en omgeving kon zien, met uiteraard een bezoek aan de Beauxiet Maatschappij te Paranam.
Een bijzondere waardering verdiende natuurlijk de bekende tante Bet, de bazin van de wasvrouwen van Paramaribo die er voor zorgde dat de tropenuitrusting er weer piekfijn uit zag. Zij ontving een veelkleurig en in bloemrijke taal gesteld getuigschrift.

Op de voormiddag van zaterdag 17 mei werden de trossen weer binnenboord gehaald. Via Port of Spain op Trinidad, waar slechts zes uur verbleven werd om olie te laden, werd koers gezet naar Willemstad op Curacao. In de nachtelijke uren volgde er een ontmoeting met Hr.Ms. Ceram en Willem van der Zaan waar een doorbraakoefening mee werd gehouden, waarna op 20 mei in de Caracasbaai olie werd geladen en diezelfde middag werd verlaten om een uurtje later ter hoogte van het Waterfort de saluutschoten af te geven, zodat om 17.30uur in het Schottegat kon worden afgemeerd. Het werd een waar tropisch feest met diverse party's en picnic's waarbij de koele "colalibre's" niet ontbraken. In de beroemde Herenstraat met omgeving werden talloze souvenirs gekocht en Punda en Otrabanda uitvoerig verkend.

In de avond van donderdag 22 mei stapte de Gouverneur van de Nederlandse Antillen met zijn gevolg aan boord en werd naar zee vertrokken met bestemming La Guaira in Venezuela waar de volgende morgen om 09.00uur, na het uitwisselen van de gebruikelijke saluutschoten, werd afgemeerd. Meteen werd een aanvang gemaakt met de officiŽle plichtplegingen, gevolgd door uitstapjes en excursies naar de hoofdstad Caracas en boden vele Nederlanders zich als gastheer en gastvrouw aan. Dit vierde bezoek aan een Zuid- Amerikaanse haven bracht de tongen weer hevig in beweging, niet alleen met verhalen, maar vooral met de hapjes en drankjes waarmee de kelen werden gesmeerd. Iedereen vond het jammer toen op dinsdag 27 mei La Guaira werd verlaten om koers te zetten naar Puerte Cabello, een Venezolaanse marinebasis waar na ten anker zijn gekomen 15 leerlingen van het centrum voor zeevaart training aan land werden gezet.

Op de Eerste Platvoet kwam het anker weer binnenboord en werd koers gezet naar Aruba, maar niet voordat eerst met de Ceram en Willem van der Zaan enkele oefeningen werden gehouden.
Op de namiddag van 28 mei werd langs de kade in Oranjestad afgemeerd waar in nog geen 24-uur tijd een zeer geconcentreerd ontvangstprogramma werd afgewerkt. Dit bestond onder andere uit een rondrit, voetballen en zwemmen en nadat de volgende morgen het schip voor het publiek toegankelijk was geweest werd om 12.00uur weer naar zee gestoomd en is iedereen een ervaring omtrent de hartelijkheid van de Arubanen rijker gewor- den. Alsof er in Korea nog niet genoeg praktijkervaring was opgedaan werd in zee weer met de Ceram Willem van der Zaan geoefend waarbij zich ook vliegtuigen van squadron 1 bemoeiden. Vermoeid van alle inspanningen werd op vrijdagmiddag 30 mei in Willemstad teruggekeerd om met de opgedane vrienden en kennissen de Pinksterdagen door te brengen.

Na vele uitstapjes, party's en andere feestelijkheden werd uiteindelijk op woensdag 4 juni om 08.15uur ontmeerd om opgewekt de thuisreis definitief te voltooien. Het weekeinde van 7 tot 9 juni werd in Hamilton op de Bermuda's doorgebracht waar de Van Galen langs HMS Sheffield lag afgemeerd en men volop de benen kon strekken. Om kwart over zes die maandagmorgen werd ontmeerd om eerst op de Naval Base olie te laden om daarna de reis te vervolgen. Tussen Bermuda en de Azoren volgde een ontmoeting met een Amerikaans weerschip en omdat de zee het toeliet was het mogelijk om voor een kort ogenblik bij elkaar een bezoek af te leggen.

Op 14 juni werd in Ponta Delgada op de Azoren afgemeerd om de voorraden weer op peil te brengen, iets van het eiland te zien en volop fruit in te slaan. Aan boord heerste er een hoerastemming toen op maandag 16 juni de trossen weer los gingen om de laatste loodjes af te leggen. Na drie dagen kwam de Franse kust in zicht om vervolgens nabij het lichtschip Goeree het anker in de grond te laten vallen in afwachting van het tijdstip waarop de BDZ in Hoek van Holland aan boord zou stappen.
Dit gebeurde om twee uur in de middag voor de Nieuwe Waterweg en ter hoogte van IJmuiden richtte de BDZ tijdens een Alle Hens voor de boeg een welkomstwoord tot de opvarenden, waarbij hij uitdrukking en waardering gaf aan de taken die de afgelopen vijftien maanden waren verricht. In IJmuiden stapte de BDZ van boord en werd de koers naar de thuishaven vervolgd om op de rede ten anker te gaan.
Nadat de torpedobootjager door de douane was vrijgegeven was het zaterdag 21 juni gewor- den en even na tien uur meerde Hr.Ms. Van Galen in de Buitenhaven af na een lange en indrukwekkende reis om de wereld met oorlogsvoering en vlagvertoon.