Laatste sloep naar de wal

Chris Mark - Bewerkte overname uit Alle Hens van juni 1978  

Wie van ons ouwe gebakkies kent het niet; het MOKH, oftewel het Marine Opleidings Kamp Hilversum. Werd daar niet van een "slappe burger" een militair gemaakt? Leerde je daar niet "links of rechts uit de flank", "hoofd front", "zet je kakken op dek" en kreeg je daar ook niet
kramp in je vingers van het barang nummeren? De herinnering blijft aan het wachtgebouw met de knijp er achter, het eetzaaltje, Hr.Ms. Beton en de stormbaan om maar enkele gebouwen te noemen. Meer dan dertig jaar lang hebben zowel beroepspersoneel als miliciŽns in Hilversum hun eerste stappen gezet in "de wereld die marine heet" in de bossen van Loosdrecht onder de rook van Hilversum.

De opleidingen die tijdens de tweede wereldoorlog in Engeland hadden plaats gevonden, moesten na de bevrijding naar Nederland worden overgebracht, want de marine moest kunnen blijven varen.
In Engeland waren de aanstaande matrozen opgeleid aan boord van HMS Ganges, doch deze walinrichting werd op 18 mei 1945 gesloten. Veertien dagen daarvoor was reeds een aantal Nederlandse schepelingen vertrokken naar HMS Glendower waar de opleidingen werden voortgezet tot men in Nederland een passende gelegenheid had gevonden.

De keuze viel tenslotte op een voormalig Duits kamp aan de rand van het vliegveld bij Hilversum, vlak bij de Loosdrechtse plassen. Het was sterk verwaarloosd, het had na de oorlog nog een tijd lang Canadese troepen gehuisvest en moest nu in orde gemaakt worden voor de marineopleidingen. 
Reeds op 18 december 1945 kon een Ltz.2e klasse met 43 schepelingen van HMS Glendower naar Loosdrecht vertrekken om daar de voorbereidingen ter hand te nemen. Zo kon ten- slotte op 1 februari 1946 het Marine Opleidings Kamp Hilversum (MOKH) in dienst worden gesteld. Dit geschiedde door de waarnemend commandant, de toenmalige Ltz.1 e klasse A. van Es, bij afwezigheid van de commandant, KL TZ. L.J. Goslings.

Het spreekt vanzelf dat er nog veel moest gebeuren alvorens het kamp geheel geschikt was om alle opleidingen te kunnen huisvesten en voort te zetten. In de maand van de indienststelling werd een begin gemaakt met het inrichten van de eerste sportvelden op het voormalige vliegveld en in de zogenaamde Boomhoek, de jachthaven te Nieuw Loosdrecht, arriveerden twee sloepen, twee jollen en twee vletten, zodat de jeugdige schepelingen op deze plassen de eerste beginselen konden worden bijgebracht van het zeilen en roeien.


Wie kent het nog?  Haal op gelijk...........tot de blaren van je handen vielen.

De belangstelling van officiŽle zijde liet niet lang op zich wachten: op 18 april 1946 bracht de toenmalige minister van marine, J.M. de Booy, een bezoek aan het kamp; op 15 augustus de Bevelhebber der Zeestrijdkrachten, luitenant-admiraal C.E.L. Helfrich en op 8 november brachten de Inspecteur-generaal van de krijgsmacht, Z.K.H. Prins Bernhard, vergezeld van de Commandant Zeemacht in Nederland, voor de eerste maal een bezoek aan het kamp.
Reeds in april 1947 kon worden begonnen met de eerste cursus Instructie techniek (IT), een unicum in ons land en een onontbeerlijk onderdeel bij de vorming van het kader.
De eerste jaren van het MOKH gingen niet uitsluitend over rozen: in de maand april 1947 moest het kamp gedurende enige tijd gesloten worden wegens gevallen van nekkramp en begin van dat jaar werd een detachement van de Koninklijke marine dat trainde voor deelname aan een afstandmars, bij de Hollandse Rading door een auto aangereden: zes man moesten in Hilversumse ziekenhuizen worden opgenomen.

Wat eveneens moeilijkheden opleverde was dat veel bewoners van Hilversum en omgeving een voortdurende belangstelling aan de dag legden voor de in het kamp aanwezige en in die tijd nog schaarse kolenvoorraden. Ook bosbrandjes vormden een veel voorkomend euvel en steeds waren het de matrozen die dan weer in actie moesten komen. Deze voorvallen vormden voor hen natuurlijk een prettige onderbreking van het lesrooster! Af en toe werden er in het kamp of omgeving ook nog handvuurwapens en handgranaten gevonden en het was dan het marinepersoneel dat de zaak moest onderzoeken en onschadelijk maken.

Op 2 juni 1947 bracht Z.K.H. Prins Berhard in zijn functie van Inspecteur-generaal van de krijgsmacht opnieuw een bezoek aan het kamp, ditmaal om met enig ceremonieel een aantal vliegerkruisen uit te reiken.
Ondertussen werd er hard gewerkt om het kamp geschikt te maken voor de vele taken. Op 3 november 1947 konden eindelijk, zij het dan zonder enig ceremonieel, de poorten van het schoolgebouw worden geopend en daarmee kwam een einde aan veel ongerief gedurende de lessen. 
In april 1948 werd de Noord Brabant in dienst gesteld, ook wel Hr.Ms. Beton genoemd. Dit was het betonnen schip, dat door de Rijksgebouwendienst op de hei was opgetrokken en waar de toekomstige zeelieden hun eerste nautische ervaring konden opdoen. Het was een herinnering aan de matrozenopleiding te Vlissingen van voor de oorlog. 
Een matroos ging hier goed in de fout door zich aan boord te laten fotograferen en deze foto naar zijn meisje opstuurde met de mededeling dat zij slecht weer op zee hadden gehad. Per kerende post behoorde zijn verkering tot het verleden; hij had namelijk vergeten dat er op zee geen bomen groeien!

Een mijlpaal werd bereikt op 9 juli 1948: de eerste ouderdag, waarbij familieleden het kamp mochten bezoeken en konden zien hoe hun zoon of pupil letterlijk en figuurlijk reilde en zeilde.
Naast andere talloze VIP's die het kamp bezochten was het bezoek van generaal Dwight D. Eisenhouwer in 1951 eveneens een hoogtepunt.
Aanvankelijk vond in het kamp uitsluitend de EMV, de Eerste Militaire Vorming, plaats, doch spoedig werden daaraan toegevoegd de kaderopleiding, de afdeling instructietechniek en een aantal vakopleidingen, zoals schrijver, hofmeester, kok, bottelier en magazijnbeheerder, terwijl later nog de chauffeurschool en de opleiding kanonnier bij de koopvaardij bij kwamen. Een logisch gevolg van het concentreren van al deze opleidingen was dat de vernieuwingen voornamelijk op het gebied van onderwijs en onderwijsmethoden lagen. Tal van nieuwigheden werden hier beproefd en toegepast.

De matrozenkapel van het MOKH, die al spoedig na de ingebruikname van het kamp met veel enthousiasme in het leven werd geroepen, heeft in de loop der jaren bij tal van gebeurtenissen van zich doen spreken. Bij dodenherdenkingen op 4 mei, op de Taptoe te Delft, het verzorgen van concerten op ouderdagen enz. werd geregeld assistentie verleend. Ook bij de jaarlijkse sportevenementen waren zij present.

Op 17 februari 1971 had de officiele opening plaats van het marineinstructiecentrum (MIG), waarin de reeds eerder bestaande cursussen werkinstructie en werkinstructietechniek werden ondergebracht. Maar op 17 mei 1978 viel het doek definitief. Op die dag stelde de laatste commandant, KTZA G.L. Dekking het kamp uit dienst in aanwezigheid van talloze autoriteiten. Direct daarop werd het bevel overgenomen door luitenant-kolonel J. Kruik, commandant van het opleidingscommando van de Militair Geneeskundige Dienst der Koninklijke Landmacht. In zijn toespraak zei Lt.kol. Kruik te beginnen met van het kamp een kazerne te maken. 

Wij vragen ons echter af wat het verschil is tussen een kamp en kazerne?