DUIKBOTEN EN VLIEGTUIGEN IN DE STRIJD TEGEN ROMMEL

 Begin 1941, toen de Luftwaffe boven de Middellandse Zee verscheen, werd bij het eiland Malta een onderzeebootflottille gevormd. De commandant van dit flottille kreeg van Sir Andrew Cunningham de boodschap mee: ,Uw opdracht is te beletten dat schepen der As-mogendheden Tripoli bereiken." Dat was het begin van de strijd tussen de Britse onderzeeboten en de poging van de vijand versterkingen aan te voeren voor Rommel's legers in Afrika. Hiervoor werden niet alleen de op Malta gebaseerde onderzeeboten gebruikt, al kregen die wel het zwaarste werk te verrichten. Hun vielen dan ook de grootste successen ten deel, die ten volle waren verdiend. 

Als ze binnen lagen ' stonden ze voortdurend aan luchtaanvallen bloot - het gemiddelde aantal luchtaanvallen dat Malta per maand te verduren had in de jaren 1941 en 1942 bedroeg 260. De Duitsers probeerden voortdurend de haveningang te mijnen, en indien het hun al gelukt was veilig buiten te komen, moesten de onderzeeboten opereren in nauwe en bemijnde wateren, waar de vijand over een behoorlijk aantal snelle escorte-schepen voor zijn konvooien en een menigte verkenningsvaartuigen en vliegtuigen beschikte. Het was een zeer moeilijke opdracht voor de onderzeeboten, want de korte zeeweg van Sicilie naar Tripoli stelde de vijand in staat kleine, snelle konvooien uit te zenden, beschermd door een sterk escorte.

Malta door de Koning gedecoreerd.

Het eiland Malta had in 1941 en 1942 een gemiddelde van méér dan 260 luchtaanvallen per maand te verduren. Bovendien leden de bevolking en het garnizoen onder een nijpend tekort aan levensmiddelen en andere voorraden. Sicilië en de Luftwaffe lagen slechts op 100 km. afstand en alle toevoer moest over zee geschieden. Maar keer op keer wisten konvooien de vijand te trotseren, hoewel er zware verliezen werden geleden. Malta overleefde de crisis en later werd door Koning George de hoogste Britse civiele onderscheiding, het George Kruis, aan het eiland verleend. Het smaakte de voldoening een leidende rol te spelen in de operaties die voorafgingen aan de heropening van de Middellandse Zee.


Een escorte-kruiser stoomt de haven van Malta binnen.

Het flotille leed zware verliezen - maar er werden grote dingen bereikt. In 1941 en 1942 brachten de op Malta gebaseerde onderzeeboten meer dan een half millioen ton aan vijandelijke scheepsruimte tot zinken. Onder deze schepen bevonden zich verschillende geladen troepentransportschepen. Ook verschillende schepen van de Italiaanse marine moesten er aan geloven. Twee slagschepen werden beschadigd, vijf kruisers werden tot zinken gebracht en andere liepen schade op, terwijl bovendien een aantal torpedobootjagers en onderzeebooten naar den bodem verdwenen.

De uitputtingsoorlog gericht tegen Rommel's toevoerlijnen werd niet alleen door onderzeeboten gevoerd. De marineluchtvaartdienst en later de RAF en de bovenwaterschepen van de Royal Navy, hadden hierin een belangrijk aandeel. September 1941 was een van de meest succesvolle maanden. Nauwelijks ging er een dag voorbij zonder dat de vijand een zwaar verlies te betreuren had. Het is aan te nemen dat nauwelijks 50 % van zijn schepen Lybie bereikten.
Niet alleen in het centrale deel van de Middellandse Zee wisten de Britse onderzeeboten de vijand op te sporen en buiten gevecht te stellen. In de Aegeische, Adriatische en Tyrrheense Zee werden door de vijand eveneens zware verliezen geleden; in deze gebieden werd de Royal Navy op zeer verdienstelijke wijze ter zijde gestaan door de Grieksche en de Poolse marine.


Die vanuit Malta opereerden.


Levensmiddelen voor de onderzeeboten


en Rommel's toevoerlijnen bestookten.

In de strijd tegen Rommel's verbindingslijnen nam Malta een sleutelpositie in; het werd als een dure plicht beschouwd dit dappere eiland zo goed mogelijk van versterkingen te voorzien. Keer op keer wisten konvooien met groot vertoon van moed de vijand te trotseren en hun doel te bereiken, hoewel er grote verliezen werden geleden. Zelfs onderzeeboten voerden voorraden aan. De vijand zag het belang van de Malta-konvooien zeer wel in - en opnieuw werd hij gedwongen mensen en materiaal van andere fronten naar het Middellandse Zee-gebied te zenden. Niet alleen werd materiaal onttrokken aan de Luftwaffe, maar nu werden ook U-boten ingezet die voordien de Atlantische Oceaan onveilig hadden gemaakt.De opzet om het zenden van voorraden naar Malta stop te zetten mislukte echter deerlijk.