De strijd in de Middellandse Zee

 Geen zee of oceaan ter wereld is van zoveel belang voor zoveel mensen van zoveel verschillende rassen en nationaliteiten als de Middellandse Zee. Omdat zij de zuidgrens vormt van geheel Europa, speelt de Middellandse Zee een uiterst belangrijke rol in het bestaan van het gehele daaraan grenzende kustland. En sedert de beroemde Fransman Ferdinand de Lesseps het Suez Kanaal groef vormt het gebied een zeeweg van de eerste rang, ook voor landen op verre afstand. Hoe geriefelijk deze doorgang voor ververwijderde landen ook moge zijn, ze is daarvoor toch niet van zo'n vitaal belang als voor de Middellandse Zee-staten, omdat deze staten niet de keuze hebben van een andere route. Dit is gedurende dezen orlog bewezen. In de periode waarin de Middellandse Zee feitelijk was gesloten voor de Britse doorvaart, zag Groot-BrittanniŽ kans de oorlog voort te zetten - een heel jaar lang alleen en tegen een machtig verbond van vijandelijke mogendheden - en in het oostelijk deel van de Middellandse Zee zelfs de kern op te bouwen voor een offensief. Toen Italie daarentegen de vrije navigatie in de Middellandse Zee verloor, leden haar legers, en de Duitse legers in Noord-Afrika nederlaag op nederlaag; Afrika werd spoedig daarop van As-troepen gezuiverd en de oorlog werd verplaatst naar Italie zelf, dat korte tijd later uit het strijdperk verdween.


De torpedo-lanceerbuizen staan gericht.

Wij mogen hieraan toevoegen dat Groot-BrittanniŽ, indien het in dit crisisjaar - waarin het alleen en slecht-toegerust tegenover Duitsland en Italie stond - uit de Middellandse Zee verdreven was, daarmee de oorlog nog niet zou hebben verloren. Want andere verbindingslijnen stonden voor Engeland open en vrijwel de gehele wereld was bereid het aan materialen te helpen. Indien Groot-BrittanniŽ de heerschappij in de Middellandse Zee had verloren, zou dit voor de bezette landen in Europa een grotere ramp zijn geweest dan voor Engeland zelf. Hun lijdensweg zou er ongetwijfeld, door verlengd zijn geworden en hun bevrijding en het einde van de oorlog zou er vele jaren door zijn vertraagd.

DE SITUATIE IN 1940 

Van september 1939 tot juni 1940 was de toestand in de Middellandse Zee betrekkelijk rustig. Het was in elk geval geen oorlogsterrein te noemen. De enige oorlogsmaatregel, was de geallieerde controle op het vervoer van contrabande. Het hele aan de Middellandse Zee grenzende gebied was echter neutraal, of in geallieerde handen. Toegegeven: de neutraliteit van Italie werd in twijfel getrokken en Spanje werd geregeerd door iemand wiens sympathieen in de richting van de As maar al te bekend waren. Maar in het Middellandse Zee-gebied waren voldoende geallieerde strijdkrachten verzameld om deze landen in bedwang te houden.

Het westelijk gedeelte van de Middellandse Zee werd, evenals in de oorlog van 1914-1918, beheerst door de hoofdmacht van de Franse vloot, nu onder bevel van Admiraal Gensoul. Het oostelijk deel werd bewaakt door de Britse Middellandse Zee-vloot onder Admiraal Sir Andrew Cunningham. Deze vloot was versterkt met een Frans slagschip en een sterk eskader Franse kruisers onder Admiraal Godfrey.
Admiraal Gensoul en Admiraal Cunningham hielden een waakzaam oog op den gespannen politieke toestand in de landen grenzend aan hun domein, maar ze deden het vol vertrouwen op eigen kracht.

Konvooien komen er door.

De ontmoetingen bij Taranto en Kaap Matapan maakten de Italiaanse vloot onschadelijk en stelde Admiraal Cunningham in staat zijn konvooien door de Middellandse Zee te geleiden zonder door een overmachtige vijand te worden aangevallen.
.


Het konvooi wordt beschermd door een rookgordijn.


Een seiner antwoordt een ander schip met de seinlamp.

In Juni 1940 viel de slag. In een tijd van dagen onderging de Middellandse Zee een ongelooflijke verandering. Italie had zich in de oorlog begeven en Petain drong aan op een wapenstilstand voor Frankrijk. Het Britse Rijk wankelde op zijn grondvesten. Het grootste gedeelte van zijn gewapende macht bevond zich in door de vijand overlopen gebied, een groot gedeelte van zijn luchtmacht was vernietigd of buitgemaakt; wrakken van Britse schepen lagen gezonken rond de noord- en westkusten van Europa en een invasie van de Britse eilanden werd elk ogenblik verwacht.

Het voogdijschap over het westelijk bassin van de Middellandse Zee had gefaald. In het oostelijk bassin verloor Admiraal Cunningham de steun van waardevolle schepen, op een ogenblik toen hij hen het slechst kon missen. Zijn slagvloot bedroeg slechts de helft van de sterkte van de Italiaanse vloot, en wat betreft kruisers en torpedobootjagers stond hij er nog slechter voor. Admiraal Cunningham was zich bewust dat het geen nut zou hebben om versterkingen te vragen! Hij wist dat meer dan de helft van alle Britse jagers tot zinken was gebracht of op reparatie lag te wachten - op een ogenblik toen er aan alle fronten dringender dan ooit aanspraak werd gemaakt op de Royal Navy.

Ook strategisch was de situatie sterk in zijn nadeel. De Middellandse Zee is te vergelijken met een grote zandlooper die op zijn kant ligt. Tussen de oostelijke en westelijke bassins, tussen het naar- het zuiden uitspringende Italie en Sicilie en het naar het Noorden uitspringende Tunis, ligt de slechts 150 km wijde doorgang die de hals van de zandlooper vormt. Italie, dat de sterke hoofdmacht van zijn vloot tot zijn beschikking had, zou met zijn welgelegen vlootbases, overvloed van duikbooten en snelle, lichte schepen, zijn bekende vaardigheid in het leggen van mijnen en zijn uitgebreide luchtvloot, in staat hebben moeten zijn deze nauwe doorgang volledig te domineren. De beheersing van dit kleine centrale gedeelte van de Middellandse Zee was lange tijd een der hoekstenen geweest van de fascistische strategie. Mussolini had gepocht dat hij een poging tot doorbraak van vier zijden onder vuur zou nemen en aldus verijdelen, en men moge zich in herinnering brengen dat ten tijde van de Italiaanse eisen aan Frankrijk in verband met het "Tunis-Corsica-Nice"-conflict, voorkeur werd gegeven aan Tunis dat aan de Afrikaanse zijde van de centrale vernauwing lag.

Dicht bij deze vernauwing, binnen het bereik van Mussolini's "vierhoeksvuur" en op slechts ruim 100 km afstand van Sicilie, ligt het eiland Malta. Het was duidelijk dat Malta behouden moest blijven om als vlootbasis te dienen van waaruit de vijandelijke toevoerlijnen naar de legers in Noord-Afrika bestookt konden worden. Malta zou ook moeten dienen als een voorgeschoven post wanneer het later tot een offensief zou komen.


Een bevoorradings-konvooi op weg naar zijn bestemming