LBK- BIAK 1960 - 1962

LBK staat voor Luchtmacht Bewakings Korps.Een andere benaming is GRV wat staat voor Grond-verdediging.

De geschiedenis van het detachement Grondverdeiging in NNG verschilt weinig met die van de hele Klu in dat Rijksdeel. De omstandigheden veranderen zo snel en zo ingrijpend ,het werk is zo heel anders dan in Nederland ,dat iedere grondverdediger met nog Hollandse lucht in zijn longtoppen hier de adem benomen wordt.

Dat adembenemende avontuur begon op 26 september 1960 in Amsterdam toen GRV'ers samen met andere voorinschepers "bezit namen" van de Keerkring. En zie,in enkele uren veranderde geheide rolbaan- en hoofdpoorttrappers in witgehelmde "scheepspolitie".

En in de havens van IJmuiden,Ponte Delgoda,Willemstad en Honolulu bewaakten zij tot eigen stomme verbazing de valreep in plaats van een eerlijke basispoort. En op de Keerkring,stampend door de Atlantische Oceaan en de Pacific,glasoogden LBK'ers vanuit hun wachthutje naar vliegende visjes in plaats van naar basis konijntjes.

Dat is nu weer een ver verleden,want na de aankomst in Biak,wachtte een andere verwondering. Daar waar het hart van de vliegbasis moest worden gebouwd,ontrolde zich aan het oog van een paniek van een karanggrond en onvruchtbare begroeiing,alleen onderbroken door . . . drie houten keten. In de kamer van de linkse "manokhut" bevond zich de allereerste wacht. Dat duurde niet lang,want de eerste Klu vliegers moesten toch ook ergens zitten. En dus werd gedurende lange tijd een tent het wachtlokaal.

Maand na maand veranderde het gezicht en het zieltje van de vliegbasis aanmerkelijk. En de LBK taak groeide mee. De realiteit van een mogelijke aanval werd geaccentueerd door oefeningen en zelfs periodes van verscherpte waakzaamheid. De grondverdediging ontwikkelde zich hierin steeds meer,spitste zich steeds meer toe op haar taak en op de groei van de basis. De wachttent werd wachtlokaal;de legering veranderde mee. Na de ruimen van de Keerkring werden "echte kamers" in gebruik genomen en zojuist is dan een LBK barak betrokken in het prachtige nieuwe KLu kamp.

Hoe dan ook,vooruitgang is er! Wat een groei! Wat een veranderingen!En alsof de veranderingen op zich nog niet genoeg waren,wordt de eentongheid van de patrouille onder de brandende zon onderbroken door een welkome afleiding. Zo denk ik aan de twee patrouilles naar verafgelegen kust-kampongs,die het GRV detachement maakte. En aan Zoro en Gipsy,twee Biakse hondjes,die een flauwe afspiegeling zijn van de mensenetende LBK duivelshonden uit Nederland,maar hier de lievelingen zijn van het detachement en erg blaffen als een vreemdeling zich in het struweel om de rolbanen en blisters bevindt. Het heeft voor een patrouille GRV zijn charme om op een kamhagedis te trappen i.p.v. een konijnenstrik. Soms smaakt een "lemper" lekkerder dan een croquet en luieren onder een klapperboom aan de karangkust is minstens zo koel als in een huifstoel aan het Scheveningse strand. Anderzijds is een GRV'er persoonlijk meer geinteresseerd in het zwakke geslacht dat in de Haarlemmerhout promenteert dan in degenen die wandelen langs de Havenweg bij kampong Waupnor.

Ja verbijsterend,onherhaalbaar en oorspronkelijk is wat het GRV hier doorleeft. . . .

S.F. Breuer - Bron "de Vliegende Hollander" nr 6 juni 1962.

N.B.

Toen ik dit verhaal zo las schoot mij een heel ander verhaal in de geest. In de Opmaat van april 2000 staat ook een verhaal over de LBK te Biak. De titel van dat verhaal was 'Ze hebben ons laten barsten" Verteld door Noud van Rooij toen beroeps onderofficier.

In datzelfde artikel komt ook de naam Breuer voor en wat zie ik onder het artikel van de "Vliegende Hollander"staan? Dezelfde???? Ik weet het niet maar ik kan wel vaststellen dat het verhaal van Noud van Rooij duidelijk minder mooi is dan het verhaal van S.F.Breuer. Maar dat is mijn conclusie.